De fiere nachtegaal brengt boodschappen van geliefden over in
liederen gezongen door vrolijke gezelschappen thuis en in de kroeg, of
door boeren en knechten onder het wieden, maaien en binnenhalen van de
oogst. Op dezelfde melodieën bezingen religieuzen hun verlangen
naar God of hun afkeer van de wereld. Dit boek bestrijkt vele facetten
van het Middeleeuwse lied in de Nederlanden tot aan het jaar 1600.
Achttien auteurs – neerlandici en musicologen uit Nederland, Vlaanderen
en daarbuiten – buigen zich over de liederen van hoofse minnezangers,
mystici en Moderne Devoten, van ketters en geuzen, over de liedboeken
en -albums van rederijkers en edelen, over de performance en de
mondelinge overlevering van oude liederen, over intertekstualiteit en
contrafactuur. Nieuw is het etnologisch perspectief dat een aantal
auteurs hanteert. Hun bijdragen bewijzen eens te meer de rijkdom van
het middeleeuwse lied als onderzoeksveld.
Louis Peter Grijp is hoofd van het Documentatie- en
Onderzoekscentrum.van het Nederlandse lied aan het Meertens Instituut
in Amsterdam en bijzonder hoogleraar in de Nederlandse liedcultuur aan
de Universiteit Utrecht.
Frank Willaert is gewoon hoogleraar in de Middelnederlandse letterkunde
aan de Universtiteit van Antwerpen