In 1955 besloot de Koninklijke Marine tot de bouw van zestien
ondiepwatermijnenvegers. Zij waren bestemd om de mijnenleg in de
Nederlandse binnenwateren, de zeearmen en de kustzee te bestrijden.
Gebouwd als ranke, mooi afgewerkte, maar toch zeer zeewaardige schepen
waren zij een lust voor het oog om te zien, zeker als zich bij slecht
weer op de woelige Noordzee bevonden.
Maar zo klein de notendop op zee leek, zo imposant was zij als zij
afmeerde in een kleine haven diep in het binnenland tijdens een
vlagvertoonreis.
Met slechts een bemanning van veertien man was het hard werken voor
alle hens waarbij de dienstvakken en rangen vaak vervaagden omdat het
eigenlijk een grote familie was die de klus moest klaren.
Veel jonge officieren en onderofficieren hebben hier de praktijklessen
in hun vak, in leiderschap, samenwerking en respect voor elkaar
geleerd, die ze later in hun carrière zo broodnodig hadden.
Dit boek behandelt de ondiepwatermijnenvegers van de Van
Straelen-klasse van de Koninklijke Marine vanaf de besluitvorming,
geeft een indringend beeld van het ontwerp, de achtergronden daarbij en
de bouw van de schepen. Vervolgens wordt de geschiedenis van de schepen
behandeld. Door de vele foto’s, verhalen en anekdotes geeft het tevens
een schets van de omgeving waarin deze schepen moesten opereren. Omdat
ze de kleinste operationele eenheden van de Koninklijke Marine waren,
werden ze door mensen van de ‘grote vloot’ wel dinky toys genoemd.
Maar bij de Mijnendienst dacht men dan aan de uitdrukking: ‘Beter
kleine baas dan grote knecht’.
Recensie:
Ondiepwatermijnenvegers
Jeroen van Zuidland De Modelbouwer 16-03-2010
'Kortgeleden verscheen bij uitgeverij Lanasta een boek over een bijzonder en weinig gekend type mijnenvegers van onze marine, de zogenaamde: Ondiepwatermijnenvegers. (mooi Scrabblewoord) Het betreft de Van Straelen-klasse, ook wel de Dinky Toys van de Mijnendienst genoemd. De auteur, Bob Roetering was in zijn actieve dienstijd bij de Koninklijke Marine meerder malen commandant van een ondiepwatermijnenveger, en nam als Commandant Mijnendienst in 1993 afscheid van de Marine. Zijn kennis en ervaring m.b.t. dit type mijnenvegers staat daarmee onomstotelijk vast en dat wordt ook weerspiegelt in de tekst van dit interessante boek. In 1955 besloot de Marine tot de bouw van deze ranke, mooi afgewerkt en tevens zeer zeewaardige schepen. Zestien zouden er worden gebouwd en waren bestemd voor de bestrijding van mijnen in de Nederlandse binnenwateren, de zeearmen en dicht onder de kust. Met een bemanning van 14 koppen was het hard werken, en bij zo`n kleine bezetting vallen de rangen en standen goeddeels weg, het was werkelijk alle hens aan dek. Met de nadruk op `was`, want de schepen zijn in het midden van de jaren tachtig buiten dienst gesteld. Momenteel zijn er nog steeds enkele in de vaart waaronder drie bij het Zeekadetkorps.Het is meer dan een interessant boek geworden, tenslotte gaat het om een relatief onbekend type mijnenvegers. Bovendien was varen op deze schepen voor veel marinemannen hun eerste kennismaking met de gemeenschap aan boord van een marineschip.Voor modelbouwers is het ook een interessant type omdat het om relatief snel varende schepen gaat en dat kan een spectaculair snelvarend scheepsmodel opleveren. Helaas biedt het boek daarvoor dan weer net te weinig informatie, wel een boven en zijaanzicht, zelfs een spantenraam is afgedrukt maar een lijnenplan ontbreekt alsmede de schaalaanduiding van de afbeeldingen. Mijns inziens een gemiste kans want het is een relatief eenvoudig scheepstype dat uitstekende mogelijkheden biedt voor de onervaren modelbouwer. '
Extra informatie:
Gebonden: harde kaft, 160 pagina's
Met illustraties
Verschenen: maart 2010
Gewicht: 1082 gram
Formaat: 289 x 231 x 22 mm
Lanasta
|
 Bekijk de achterkant |
Roetering, Bob, Ondiepwatermijnenvegers Uitverkocht, dit artikel is niet meer leverbaar
|
|
| Andere titels binnen de rubriek: |
| Moderne geschiedenis(1870-heden)
|