Hoe is het om een beroemde schrijver te zijn in een minderheidstaal?
Het leven van Anne Wadman (1919-1997) biedt een antwoord op die vraag.
Hij was een sleutelfiguur in een van de belangrijkste bloeiperiodes van
de Friese literatuur, de jaren 1945-1963.
In dit dissertatieonderzoek van Joke Corporaal staat het schrijverschap
centraal van een van de belangrijkste naoorlogse Friese schrijvers,
Anne Wadman (1919-1997). Wadman wordt gevolgd vanaf 1935, het jaar
waarin hij als vijftienjarige kennismaakt met de Friese beweging, tot
1963, het jaar waarin hij besluit dat hij liever geen schrijver is dan
een schrijver die alleen in de Friese wereld iets voorstelt.
De periode 1945-1963 wordt algemeen gezien als die waarin de Friese
literatuur geëmancipeerd is. Er ontstonden in deze tijd twee
literaire circuits: één voor ‘bewegingsliteratuur',
literatuur waarin het traditionele beeld van Friesland centraal staat
en ge(re)produceerd wordt, en één voor ‘moderne
literatuur': literatuur die qua thematiek niet afwijkt van literatuur
elders in Europa. Anne Wadman heeft dit proces mede mogelijk gemaakt.
Hij was de meest felle pleitbezorger van Friese literatuur ‘van
Europees peil' - oftewel, literatuur die ook buiten Friesland gezien
kon worden. Anders dan men zou verwachten, stemden de ontwikkelingen
hemzelf echter allerminst tevreden.
Aan de hand van veelal ongepubliceerd materiaal zoals dagboeken en meer
dan tweeduizend brieven uit de periode 1935-1963 worden de literaire
kringen rondom Anne Wadman in kaart gebracht. Veel conflicten, maar ook
hechte vriendschappen passeren daarbij de revue. De Friese literaire
ontwikkelingen worden van nabij gevolgd en afgezet tegen die in het
grotere Nederlandse taalgebied.
Op 12 december 2009 opent het Fries Historisch en Letterkundig Centrum
Tresoar in Leeuwarden een tentoonstelling over het leven en werk van de
schrijver.
Extra informatie:
ingenaaid, kaft slap;
Verschenen: december 2009
Afuk

|
|
Joke Corporaal, Grimmig eerlijk Prijs Euro 27.50
|
Bij u in huis op: zaterdag (NL)
|